Kaai: Ongevraagd Advies #13
28.02.09DENNIS GAENS brengt zonder enige regelmaat, aanwijsbare aanleiding of doelgroep een ongevraagd advies uit. Zijn adviezen hebben (zo nu eens vaag, dan weer minder vaag) iets met literatuur, teksten en schrijven te maken. Het is ongevraagd, doet u ermee wat u wilt.
ONGEVRAAGD ADVIES #13: TEKSTEDITIE IN EEN DIGITAAL TIJDPERK (WAAR ROMANTICI EN NERDS SAMEN DANSEN)
![]()
Waarschuwing: dit ongevraagd advies heeft een nogal hoog nerd-gehalte. Bent u zelf geen nerd, schrijver met computer of tekstediteur, kunt u uw tijd wellicht beter besteden.
Nog niet eens zo heel lang geleden, was ik druk doende met een scriptie over paratekst en digitale technologieën. In het kort ging mijn scriptie over de invloed die de opkomst van de PC en met name het internet hadden op allemaal lezingtsturende elementen. En hoewel het niet direct mijn thema was, kwam steeds het mooie vak van teksteditie weer om de hoek. Wellicht omdat ik daarover mooie colleges gevolgd had van Frans Blom, misschien ook omdat ik het boek De kladbewaarders van Dirk van Hulle las. Ik raakte steeds op dat zijpad en ging snuffelen waar ik eigenlijk weinig te zoeken had, en nu… Nu doe ik dat weer.
Een tekst editeren of ‘bezorgen’ is een mooie bezigheid. Een editeur reconstrueert verschillende versies van een (vaak al wat oudere) tekst aan de hand van handschriften, verschillende getypte versies van het manuscript en de verschillende drukken die er van een werk bestaan. In de meeste gevallen probeert men hiermee de meest ‘zuivere’ (lees: aan de auteursintentie voldoende) tekst te creëren. Vaak is het doel hiervan het uitgeven van een leeseditie, waar bijna tot geen verantwoording van de manier van editie wordt gegeven en er slechts één leeslaag is. De annotaties zijn vaak verhelderend, maar bovenal schaars. Anders is het bij de historisch-kritische editie, die alle wijzigingen weergeeft tussen klad, uitgewerkt handschrift, manuscript, geredigeerde manuscripten en verschillende drukken (of drukproeven), met een vaak enorme inleiding, veel annotaties en een verantwoording van de manier van editeren. Het zijn de edities die genese-onderzoekers graag hebben, die het creatieve proces inzichtelijk maken en die ons veel kunnen vertellen over de manier van werken van een auteur en misschien zelfs wat van zijn eigenaardigheden blootleggen.
Ze zijn vaak ook het minst leesbaar. Door een enorm notenapparaat en de uitgebreide manier van varianten weergeven, zijn het vaak logge, grote boeken waar je echt tijd voor moet nemen om er 1) aan te wennen en 2) doorheen te komen. Als je bijvoorbeeld alleen het (handgeschreven) manuscript wilt vergelijken met de eerste druk, moet je je alsnog door veel meer varianten heen worstelen.
Gelukkig is daar de PC, die dat soort edities vanaf een klein schijfje kan weergeven én (misschien nog veel belangrijker) de gebruiker zelf laten kiezen welke varianten er weer worden gegeven en hoe. De in 2007 verschenen editie van Achter de schermen van Willem Elsschot is zo’n editie. Gemaakt door het onvolprezen Huygens Instituut en de Universiteit van Antwerpen en via verschillende kanalen verspreid (o.a. via het eerder genoemde De kladbewaarders). Op de website van dit project staat:
De editie biedt de mogelijkheid om van beide teksten alle bronnen te verkennen en met elkaar te vergelijken vanuit verschillende vertrekpunten. Van elke versie wordt zowel een elektronisch doorzoekbare transcriptie als een digitale facsimile gegeven. Ook kunnen per versie alle varianten worden opgeroepen of per zin de stappen in het schrijfproces worden gevolgd. In [...] het kladhandschrift van Achter de Schermen, kan bovendien een ‘topografische transcriptie’ worden geraadpleegd als hulpmiddel bij het ‘lezen’ van het manuscript.
Een digitale editie biedt veel voordelen: ze wordt full-text doorzoekbaar, de gebruiker kan zijn eigen voorkeuren in de varianten laten weergeven en een facsimile kan bij elke laag worden toegevoegd. In druk zou dit alles onmogelijk, onhandig of onbetaalbaar worden.

Terwijl de editeuren echter aan de ene kant een bijna perfecte vorm hebben gevonden om al het bronmateriaal samen te brengen, dreigt er aan de andere kant juist dat bronmateriaal te verdwijnen: veel schrijvers zijn digitaal gegaan. Voordat de computer zijn intrede deed waren er kladversies, handschriften, typoscripten, drukproeven, vaak compleet met doorhalingen, annotaties en verwijzingen naar of kopieën uit bronnen. Het zijn goudmijnen voor editeuren en een ieder die het creatieve proces van een bepaalde schrijver inzichtelijk wil maken.
Tegenwoordig gebruiken schrijvers echter vaak nog maar een paar digitale bestanden in het proces, die vaak tot op het laatst bewerkt worden en lang niet allemaal bewaard. Vaak worden de bestanden na het uitkomen van een boek verwijderd. Een enkeling heeft een back-up systeem of werkt elke dag in een nieuw bestand, maar velen nemen de moeite niet. Voor veel editeuren betekent de computer daarmee een groot verlies. Dat van hun toekomstige baan met name.
In mijn scriptie besprak ik o.a. blogs en hoe die voor editeuren toch nog wel eens wat waard zouden kunnen zijn. Veel schrijvers gebruiken hun blog om eerste versies aan een select publiek te tonen, om commentaar te krijgen en om openlijk discussies te voeren over de stand van zaken in het eigen genre. Nog is dat echter te veel een wildgroei. Het is voorlopig bijvoorbeeld nog moeilijk te achterhalen waar iemand reacties achterlaat, zonder diens privacy al te zeer te schenden. Daarenboven vertelt het ons toch nog weinig over het totstandkomen van de tekst zelf.
Nu is er Flashbake, ontwikkeld door programmeur en podcaster Thomas Gideon van Command Line en Cory Doctorow, de meest futuristische en op het internet aanwezige schrijver. Flashbake is een serie scripts die om de 15 minuten (of elke andere instelbare tijd) een aantal bestanden controleert op updates/veranderingen. Dit allemaal zonder dat de schrijver manuele back-ups hoeft te maken. Maar er is meer, aldus Cory Doctorow:
Every 15 minutes, Flashbake looks at any files that you ask it to check (I have it looking at all my fiction-in-progress, my todo list, my file of useful bits of information, and the completed electronic versions of my recent books), and records any changes made since the last check, annotating them with the current timezone on the system-clock, the weather in that timezone as fetched from Google, and the last three headlines with your by-line under them in your blog’s RSS feed (I’ve been characterizing this as “Where am I, what’s it like there, and what am I thinking about?”). It also records your computer’s uptime. For a future version, I think it’d be fun to have the most recent three songs played by your music player.
Via de door Flashbake opgeslagen informatie heb je dus niet alleen maar toegang tot de verschillende wijzigingen, maar weet je ook wanneer ze zijn doorgevoerd, waar, tijdens wat voor weersomstandigheden en wat de schrijver in kwestie in zijn RSS-lezer heeft. Oké, het heeft niet de charme van een handschrift vol doorhalingen, maar het is toch een best mooie equivalent voor het digitale tijdperk.
Vooralsnog is Flashbake nogal beperkt: het werkt alleen als je voor je teksten een simpele tekstverwerker gebruikt. Niet alleen bijvoorbeeld Microsoft Word valt daarmee buiten de boot, ook speciale schrijfprogramma’s zoals Scrivener en StoryMill (of Montage en Final Draft voor scenario- en toneelschrijvers). Het programma is ook nog wat onhandzaam en draait daarnaast alleen nog op Unix-gebaseerde systemen, waaronder overigens wel Mac OS X. Gideon wil het echter ook als plug-in ontwikkelen voor verschillende soorten software en misschien een Windows-versie ontwikkelen. Doordat de programmacode van de software gratis verkrijgbaar is (open source), zullen de verschillende nieuwe versies niet lang op zich wachten.
Er is hoop voor editeuren. Het enige dat ze nog te doen staat is lobbyen bij schrijvers. Ik kan me zo voorstellen dat een schrijver best wel eens zou willen meewerken. Ofwel uit toekomstige nostalgie ofwel uit de behoefte het eigen creatieve proces te doorgronden. Het kan natuurlijk nooit kwaad ook.













februari 28, 2009 om 10:48 am
[...] Lees verder op Kraai. Geplaatst door Dennis Gaens Opgeslagen in Ongevraagd advies [...]
maart 8, 2009 om 5:39 pm
Inderdaad belangrijk: kantlijnberichten verdwijnen. Potloodschetsen in de marge. Signaturen, handtekeningen,.. Vaak zijn dat mooie tekstaanvullingen. Computers kennen dat niet, daar voeg je gewoon in.
Toch een voordeel aan de computer: schrijvers met een doktershandschrift zijn nu wél leesbaar geworden.