Kraai

Kraai: De Plantage – Columnist

In de reeks De Plantage schrijft Dennis Gaens over een fictief schrijverscafé, waar de fictieve talenten van de fictieve literatuurwereld fictieve gesprekken voeren. De reeks is fictief en kent elke zes weken een nieuwe aflevering.

Dennis Gaens

Overdag wordt de muziek overstemd door vingers op laptoptoetsenborden. Als de middag in de avond overgaat maakt het geluid plaats voor wild geschreeuwde plannen. De Plantage is ons café en wij, wij zijn de schrijvers van de toekomst. Nergens wordt zoveel koffie geserveerd als hier.

Ik drink mijn vierde espresso en staar naar wat ik net in een lange haal van dertig minuten heb uitgestort. Zo schrijf ik graag, zonder pauzes, alsof het toetsenbord een drumstel is. Het levert bijna nooit in een keer iets goeds, maar het voelt lekker. Een enkele keer vind ik een zin die ik in een gedicht kwijt kan. Een andere keer een onderwerp dat een verhaal kan opleveren. Ik heb fases dat ik alleen maar dat soort wilde raasverhalen produceer en dan voel ik me altijd zo zen als een baksteen. lees meer

back to top

Kraai: Hoeden – Rogier

Eva Mouton werkt aan een reeks beelden rond het dorp Hoeden, met als postcode 2222. Elke keer komt er meer informatie vrij over het dorp en de inwoners.

Klik hier om het verhaal te lezen.

rogier

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
kraai

back to top

Kraai: Frame

max neetens

Frame

Weer het missen, het kreunen.
We vreesden straks, als
geloofden we in de tijd,
slechts een scene uit Peter Pan.

Later stamelden we, stampten de
lucht in, ik zag alleen maar stenen.
Die in je mond, en degene
die ik daar zelf had verstopt toen
met die scene op de hoek.

Het is ook nog een beetje dat
wij ik zijn op een rij, maar daar
kon jij niet tegen: Je ziet het
teveel als een camera, zeg je.

Max Neetens

kraai

back to top

Floris Schillebeeckx: Sterven op maandag

pic_schillebeeckxFloris Schillebeeckx, bekend van o.a. Kraai en Studio Villanella, werkt aan een roman. Op zijn blog kun je nu al de proloog en de eerste twee hoofdstukken van ‘Sterven op maandag’ lezen.

Wij serveren je een fragment. Voor de volledige hoofdstukken surf je naar Floris’ blog.

Sterven op maandag.

“Diep in elk bevroren hart is altijd nog wel een druppeltje of twee liefde – net genoeg om de vogels te eten te geven.” Henry Miller in De kreeftskeerkring

Proloog: De Groenplaats

Men had onmogelijk kunnen voorzien dat het zo warm zou zijn die maandag. Toch niet in maart. Gelukkig hing er een plezierig briesje dat op tijd en stond verfrissing bracht. Anders waren de mensen op de Groenplaats misschien gesmolten en was er weinig anders overgebleven van de mensheid dan een paar plassen die dreigden te verdampen. Maar dan ken je de mens nog niet! Het is een weerbaar beestje dat zich doorgaans niet laat nekken door de eerste zonnestralen. Ook niet door de eerste sneeuw trouwens of de diepste winterkou. Nee, als de mens zich al laat nekken, is dat meestal door een liefde die zijn rug laat zien en dan de drank, het kettingroken van geloofsartikelen en natuurlijk vette voeding of suikerrijke, koolzuurhoudende dranken. De zoete troost van wat dan ook. Alles om het vol te houden. Bijten, slikken, proberen te stoppen met denken, de vaat doen. Wanneer zelfs dat niet meer helpt is er nog de strop, het treinspoor, de hoogste flatgebouwen, de scheermesjes, de slaappillen of de bijbel.

back to top

Kraai: voorpublicatie Levi Andreas van David Pefko

 De Kraaibijdrage van deze week is van David Pefko. Eurodisney is een voorpublicatie van Levi Andreas, het debuut van Pefko.

David Pefko

Eurodisney

‘Ik wil naar Eurodisney,’zei ze op een middag.
Ik wist wat voor soort mensen naar Eurodisney gingen en ik wist ook heel zeker dat ik zo
iemand niet was en nooit wilde zijn.
Dagenlang zocht ik op internet naar informatie die mijn gevoel kon doen veranderen. Foto’s
van Disney-figuren die ik blijkbaar leuk zou moeten vinden maakten me alleen maar wanhopiger.
Ik wist zeker dat het de allergrootste nachtmerrie zou worden die er bestond.
‘Je hebt gewoon geen jeugd gehad,’ zei het 22-jarige meisje toen ik zei dat Eurodisney het enige
was waar ik nooit van mijn leven naartoe wilde gaan.
‘Ik heb vroeger een abonnement gehad op de Donald Duck.’
‘Je hebt blijkbaar zoveel gemist in je jeugd dat het bijna mijn plicht is om je ernaartoe te
slepen.’ lees meer

back to top

Kraai: Grote zus – Mens erger je niet

In de reeks Grote zus schrijft Willem Claassen over zijn zeven jaar oudere en dertig centimeter kleinere zus. Zij heeft het Downsyndroom. Om de zes weken een nieuwe aflevering. Deze week ‘Mens erger je niet’.

WillemClaassen

 

 

 

 

 

 

 

Ze ruikt meteen onraad als ik de woonkamer binnenkom. Mijn grote zus, zittend aan de hoge tafel, haar korte benen steunend op de stoel aan de andere kant van de tafel, draait haar hoofd een paar graden mijn richting op om te zien wat daar door de kamer beweegt. Die dikke bril van haar helpt maar mondjesmaat. De sterkte van haar ogen is -13 en ze heeft pupillen die altijd maar in beweging zijn. Dat en nog veel meer kreeg ze gratis en voor niks bij haar Downsyndroom.

lees meer

back to top

Kraai: MobilHome en sur place

De gastschrijver van deze week is Ivo Allewaert. Hij schreef MobilHome en sur place.

Ivo Allewaert

MobilHome

we willen nooit aankomen, nemen altijd de onderweg
richting net-niet helemaal het einde, we besturen
onze bijna autonome staat, doorkruisen het buitenland
kopen er voedsel en benzine, de rest hebben we zelf wel
130 pk, een keuken, bad- en slaapkamer, vrouw, kinderen 

en een knikkebollende opa, alles lekker compact, onder de tafel
ruziën de kinderen: ‘We gaan naar China! ‘Neen, naar Japan!’
mijn vrouw zoekt op de kaart naar de afrit in Lyon, ik fluit
vrolijk over verdachte motorgeluiden heen, reizen is negeren
iedereen zweet gelijk voor de wet als de airconditioning crasht

lees meer

back to top

Kraai: Buurvrouw – De brutale hond

Buurvrouw is een reeks van Maarten Inghels die één keer per week verschijnt op onze website. Het gaat over een huis, de straat en het café om de hoek. De personages spelen evengrote rollen als de sanseveria, de muggen en de tafel waaraan ze koffie drinken.

Maarten Inghels

Hoewel Buurvrouw vorige week nog het gestolde kaarsvet van mijn tafelblad kraste met een doodgewoon keukenmesje en over haar hartsgrondige haat jegens lieveheersbeestjes vertelde, hadden we nu ruzie. Er waren woorden gevallen, zoals we dat zo verbloemd in onze taal kunnen zeggen. Het lag voor de hand, dacht ik, dat mij geen schuld trof, ondanks het feit dat ik haar brutale hond had genoemd, maar tot mijn spijt dacht Buurvrouw daar anders over. De boeteschuld die ik moest leveren lag aanzienlijk hoger dan ik in gedachten had.

Als ik aan de rechterhoek van de tuintafel zit te werken, kan Buurvrouw me vanuit haar raam zien. Ze zwaait en roept soms. Haar stem draagt het verst van ons twee. Heel de buurt kent het kleppen van haar mond, iedereen bewondert haar om het bereik van haar verhaal. lees meer

back to top

Kraai: Bij de dood, Het wenende meisje en aurora

De gastbijdrage deze week is van Wouter Steyaert. Hij schreef drie gedichten.

Naamloos-1

 

 

 

 

 

 

 

 Bij de dood

Laat mij maar liggen bovengronds
afgescheiden van lof en ironie
geweerd van de speen
waarover we het laken heen en weer trokken.

Ik stel het wel in mijn houten huis
zo ver en even dicht bij u. 

Laat mij maar liggen bovengronds
wachtend op een licht, een toehappend inzicht
laat mij de rug keren van al wie heeft getracht.

 Ik heb u goed begrepen
en werd al zoveel bemind.

  lees meer

back to top

Kraai: Buurvrouw – De vogels

Buurvrouw is een reeks van Maarten Inghels die één keer per week verschijnt op onze website. Het gaat over een huis, de straat en het café om de hoek. De personages spelen evengrote rollen als de sanseveria, de muggen en de tafel waaraan ze koffie drinken.

Maarten Inghels

 

 

 

 

 

 

 

Per definitie was het niet helemaal mijn fout dat de vogel van onze onderbuur in brand vloog. Zulke dingen gebeuren plots, zoals een liftongeluk, of een uitslaande brand, en het zijn nooit de juiste mensen die de schuld op hun schouders moeten dragen. Tenslotte stonden de drie vogels op onze gemeenschappelijke gang – een tussenverdieping waar bezoekers komen en gaan –, daar stonden ze te tsjilpen in een oude kooi zoals ouweltjes in een metalen zakdoosje, alsof ze toevallige passanten bezongen, of opsprongen bij een luidruchtige voorbijganger, mijn gehoest of bij het onregelmatige getik van de hakken van Buurvrouw op de houten vloer; tik, tik, tik, als was het een kapot horloge dat niet goed liep.

lees meer

back to top